Beheerplan Deltawateren onherroepelijk

18-07-2018

De Raad van State heeft de vijf overgebleven beroepen tegen het Natura 2000-beheerplan Deltawateren verworpen. Dat betekent dat het plan onherroepelijk is en de implementatie in volle vaart vooruit kan.

De maatregelen uit het beheerplan hebben tot doel de bijzondere natuur in de Deltawateren te beschermen. Hierbij staat de balans tussen activiteiten (het gebruik) in en bescherming van het gebied centraal. Enkele partijen en personen waren het niet eens met de inhoud en tekenden beroep aan tegen het definitieve plan. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de beroepen afgelopen mei en heeft vorige week uitspraak gedaan.

Kitesurfen, vissen met lood en ontpoldering
De twee appelanten tegen het kitesurfen en het visserslood zijn niet ontvankelijk verklaard omdat ze te ver van het Natura 2000-gebied wonen. De rechter heeft zich over het beroep van de actiegroep Red onze Polders tegen de ontpoldering van de Hedwigepolder en een aantal beheermaatregelen onbevoegd verklaard. Tegen beheermaatregelen staat namelijk geen beroep open, omdat de rechter volgens de wet Natuurbescherming niet bevoegd is daar kennis van te nemen.

Buitendijks fietsen
Het beroep van het waterschap Scheldestroom is ongegrond verklaard. Het waterschap komt in beroep tegen het niet openstellen van de onderhoudsweg langs de dijk tussen Baalhoek en Kruispolderhaven voor fietsers. Uit de Nadere Effecten Analyse (NEA) blijkt dat bij het gebruik van het pad significante effecten niet zijn uitgesloten. Het waterschap doet nog beroep op bestaand gebruik. Dat is echter een aparte procedure.

Afstand vissers-zeehonden
Ook het beroep van de beroepsvissers in de Oosterschelde is ongegrond verklaard. De beroepsvissers komen op tegen de vrijstelling van de vergunningplicht voor visserij met vast vistuig. De vissers moeten 1200 meter afstand houden tot zeehonden die op de zandplaten rusten. Dat vinden de vissers onredelijk bezwarend. Dat komt echter wel uit de NEA en wordt niet weersproken door de beroepsvissers. Zij doen ook nog beroep op bestaand gebruik. De Afdeling stelt nog eens uitdrukkelijk vast dat het beheerplan niet bepaalt of sprake is van 'bestaand gebruik'. Dat kan dan ook geen grond zijn om een activiteit vrij te stellen van vergunningplicht. Een bestaande activiteit kan, zo stelt de Raad, in het beheerplan (onder voorwaarden), wel vergunning vrij zijn, maar daar gelden aparte criteria voor (en onderbouwd door de NEA).

De officële uitspraak is te vinden op de website van de Raad van State.